Het is 1945. Het land is bevrijd, maar ligt economisch in puin en moet opnieuw opgebouwd worden. Werk genoeg maar een schreeuwend tekort aan fabrieken en materiaal. Veel was door de Duitsers afgevoerd naar Duitsland.

De ambachtsschool in 1932, pas verhuisd van de Herengracht naar de Westzijde
De ambachtsschool in 1932, pas verhuisd van de Herengracht naar de Westzijde 
Groepsfoto bij het vijfjarig bestaan op 18 maart 1951 met Jan Duyvis en Piet Kramer (resp. 2e en 3e zittend van onder)
Groepsfoto bij het vijfjarig bestaan op 18 maart 1951 met Jan Duyvis en Piet Kramer (resp. 2e en 3e van onder)

Piet Kramer en Jan Duyvis zijn collega’s bij machinefabriek Buhrs. In hun avonduren beginnen zij een toeleveringsbedrijfje met een machine in de kelder van de door Kramer gehuurde woning. Hun kernactiviteit bestaat uit het produceren van hoedenpersen en verbeteringen aan ketels, pers- en andere machines. Veel van hun benodigde machines kunnen ze voor weinig kopen van het inmiddels afgedankte munitieterrein op de Hembrug. Op 18 maart 1946 wagen Kramer en Duyvis de sprong en beginnen hun eigen bedrijf. De kolenschuur van de Ijsfabriek aan Oud Saenden wordt gehuurd voor fl.10,- per week. 

 

IJsfabriek Oud Saenden (met naambord) en kolenschuur
IJsfabriek Oud Saenden (met naambord) en kolenschuur
Mooie draaibank van Joop Geenen in de IJsfabriek
Mooie draaibank van Joop Geenen in de IJsfabriek

Reeds gevestigde eigenaren van machinefabrieken kwamen in het geweer tegen deze nieuwe concurrent en eisten sluiting. Met veel bluf en doorzettingsvermogen lukt het de twee om een ontheffing en uiteindelijk vergunning te krijgen. Kramer moest ervoor naar het ministerie van Sociale zaken en de rechter. 

Jan Deurholt staat aan een freesbank een as te bewerken.
Jan Deurholt staat aan een freesbank een as te bewerken

Niet lang na de opening komen de eerste knechten – ook oud-collega’s – in dienst. Dat betekende wel dat er ook een constante stroom aan werk moest zijn. Die kwam met het binnenhalen van Bruynzeel. Met het vaste reparatie en constructiewerk voor dit goed betalende bedrijf – offertes waren niet nodig – groeide K&D naar 9 mensen in 1948 tot maar liefst 19 mensen in 1951. In de daarop volgende 5 jaar volgde nog een verdubbeling van het personeel naar 30 man. K&D was een grote speler geworden. Ook de diversiteit aan werkzaamheden werd alsmaar groter: suikersilo’s, afzuiginstallaties, naaimachines (!), opslagtanks, droogovens, blikinpakmachines, curvenschijven etc. etc. Nog meer grote Zaanse opdrachtgevers dienden zich aan zoals Cacao de Zaan, Verkade, Albert Heijn en LUM (het huidige Forbo).

Aan het werk in de nieuwe fabriek
Aan het werk in de nieuwe fabriek

In 1960 word het jasje alweer te klein en betrok K&D een pand van maar liefst 1500 m² aan de mauritsstraat. In de loop der jaren gaat Kramer & Duyvis zich naast andere specialiteiten zoals het curvendraaien steeds meer toeleggen op transportsystemen. Jaar na jaar worden de diverse producten en procedés uitgebreid en verbetert. Een letterlijk hoogstandje zijn de zogenaamde wenteltransporteurs tot wel 8 meter hoog, die op locatie geassembleerd moeten worden. 

Een wenteltransporteur wordt op elkaar gezet met een kraanwagen. Op de voorgrond o.a. Jan Duyvis (2e van links)
Een wenteltransporteur wordt op elkaar gezet met een kraanwagen.

Begin jaren 80 ligt het aantal voor klanten ontwikkelde rondtransporteurs op maar liefst 350 per jaar. Een aantal dat alleen maar zal groeien. Kramer & Duyvis is heden ten dage één van de grootste gespecialiseerde producenten van transporteurs in Nederland.